Verborgen leed

Afscheidskoers

Je merkt het aan je vader, moeder, je man of je vrouw. En soms als je het niet verwacht. Je wilt het niet zien. Je wil niet zien dat het met hem of haar misschien niet goed gaat. Angst, schaamte en ‘ik moet niet gelijk daaraan denken, hij heeft gewoon zijn dag niet.’ Je wil niet aan het ergste denken. Maar soms zijn de signalen onmiskenbaar: dementie heeft toegeslagen. En daar kom je niet vanaf. ‘Vooruit maar, dit kan ik wel aan. Ik help hem wel en dan gaat het goed. Een verpleeghuis? Ben je gek zeg, dat zou ik zelf niet eens willen. En dat wil ik hem niet aan doen. Hij is er altijd voor mij geweest, dus spreekt het vanzelf dat ik er nu ook ben voor hem.’

En het enkele ongelukje, nou ja, dat hoort bij het ouder worden. En twee ongelukjes achter elkaar? Kan gebeuren. Ik help hem met het naar de wc gaan, zo veel werk is dat niet.
Helpen met aankleden? Ja, wat dacht je dan. Hij kan het niet, ik help hem en hij is weer netjes. Ik was hem, ook al gebeuren er nu af en toe ongelukjes onder de douche. Nou ja, dat maak ik wel weer schoon. Zijn boterham smeerde hij pas nog zelf, hij kijkt naar het mes en gaat vervolgens met zijn vinger in het boterkuipje.  Eigenlijk wil ik dat niet hebben. Geeft niks, ik smeer die boterham, ik snijd hem in stukjes en zie je wel dat het goed gaat?
Zelf heb ik geen honger, dus ik ruim de boel op. Ik maak alles weer netjes. Zie je wel dat het goed lukt?

’s Avonds moet hij zijn pyjama aan. Maar hij trekt zijn hemd aan door er met zijn benen in te stappen. Geeft niks, ik help hem met zijn hemd. En dan in de pyjama. Hij kijkt tv. Zie je hoe relaxt hij is? Ik red het wel zo met hem.
In de nacht gaat het ook goed. Hij roept me als hij me nodig heeft. Dan breng ik hem naar het toilet en daarna weer naar bed. Daarvoor moet ik zeker drie keer mijn bed uit. Ik moet wel, want anders gaat hij ergens plassen waar het niet moet. En dat willen we allebei niet. Hij draagt nu zo’n speciaal broekje. Dus wat kan er gebeuren? Ik kom beneden en zie dat hij het uit heeft getrokken. En een nieuwe heeft gepakt. En ook weer uitgetrokken. Zo komt zo’n pak wel leeg, want welke is nou schoon en welke niet? Ik kijk wel even en sorteer dat.

Moe? Ja dat ben ik wel een beetje. Maar een kop koffie is zo gezet en dan gaat het wel weer.

We hebben het goed samen. We voeren ook best goede gesprekken. Ik wil tv kijken en hij wil praten. Ach, ik zet mijn zender op en laat hem maar praten. Ik hoef niet zoveel te zeggen want hij praat wel. Of hij weet dat ik niet luister, daar kan ik geen antwoord op geven.

Ik weet ook geen antwoord meer. Ik voel me moe en duf en ik ga gewoon door en ik red het wel en het komt allemaal goed en het komt allemaal op mij neer maar je hoort me niet klagen ben je gek ik red het wel en ik ga door en ik ga door en ik ga door….
Want iemand anders voor mijn vader laten zorgen? 1 nacht? Ja oké, soms moet je wel want ik wil eigenlijk wel een keer een nacht goed slapen. Maar weet je, ze kunnen niet voor mijn vader zorgen. Niet zoals ik dat doe. Want ik ken mijn vader van haver tot gort. En jij niet. Ik ga door. Tot ik er letterlijk bij neerval.

– chronisch slaaptekort zorgt voor ernstige gezondheidsproblemen- Help een mantelzorger die zichzelf wegcijfert!!

Delen: