Schaarwagentje

Afscheidskoers

Het is misschien niet moeders mooiste maar hij is o zo praktisch: het schaarwagentje. Geliefd omdat ie sterk, flexibel, licht van gewicht en compact is. Verguisd omdat ie nou eenmaal een schaarwagentje is, bedoeld om de kist met het lichaam van een overledene te dragen. Een echte opvouwBAAR dus.
De opvouwbaarheid straalt eraf door zijn constructie. En, nou komt het, die wil niemand zien. Het schaarwagentje mag er wel zijn maar het mag niet opvallen. Ik was pas bij de presentatie van het boek Dood. Voordat de presentatie begon was er een dia afgebeeld. Met daarop, juist, het schaarwagentje.
 
Ik dacht terug aan de ontmoeting met het schaarwagentje. Handig ingeklapt ging ie mee in de rouwauto. Met daarbij een kleed om er overheen te leggen zodat ie er niet zo bloot bijstaat. Hij moet er zijn maar je mag hem niet zien. De uitvaart liep ten einde en de dienst van het schaarwagentje zat er eigenlijk op. Omdat het er dan maar staat te staan, zo zonder kist, wordt geprobeerd om het ding aan het zicht te onttrekken door hem zoveel mogelijk in een hoek te plaatsen waar je hem niet ziet. Maar die hoek moet er wel zijn. Ik leerde dat het handig is om ervoor te zorgen dat je dan degene moet zijn die het dichtste bij het schaarwagentje staat. Want iedereen weet dat het schaarwagentje weg moet.
En als je zojuist gezellig hebt zitten proosten en toasten op het voorbije leven, vertoon je een daadkracht die niet te bedwingen is. Dat merkte ik te laat aan een dame die graag iets wilde doen. Zij besloot dat het kleed nu wel van het schaarwagentje af mocht. Voor ik het wist hadden haar handen een heel stuk schaarwagentje bloot gelegd. Ik kon niet anders doen dan het kleed er rustig afhalen, op te vouwen, het schaarwagentje in te klappen en op te bergen. Maar dat hoort niet bij een perfect verlopende uitvaart.
 
Hoe anders was het toen ik afgelopen zomer getuige was van een uitvaart in Frankrijk. Het kerkje waarin de plechtigheid plaatsvond was oud en lag aan een smal straatje. Er waren smalle en ongelijke traptreden bij de ingang. De straat werd gevuld door het transportbusje van de lokale uitvaartonderneming. De achterdeuren van het busje waren gastvrij geopend. In het interieur was een houten blad te zien waarop bloemen lagen en het geopende condoleanceregister. Mensen tekenden het register en legden bloemen in de auto. De kerkdienst was afgelopen, de deuren van de kerk openden zich. Mensen liepen uit de kerk naar buiten en bleven staan. Het was stil in de straat. Ik vond het spannend omdat ik me afvroeg hoe ze de kist met goed fatsoen naar buiten konden krijgen. Er kwam een heer in donker pak in beeld en de kist op het schaarwagentje. Zonder kleed, gewoon in functie. De man zei iets en toen ging het snel. Samen met een collega tilde hij voor- en achterzijde van het schaarwagentje op. Hun gezichten stijlvol in plooi. Je kon gewoon zien dat ze dit vaker zo hadden gedaan. Met dit soort trapjes en treetjes wisten ze wel raad.
Het schaarwagentje werd compleet met zijn last over de traptreetjes getild en daalde in één vloeiende beweging geruisloos neer op de straat. De kist werd van het wagentje onder het blad de bus in geschoven. Het wagentje werd razendsnel ingeklapt en ernaast gezet. De deuren van de bus werden handig en routineus gesloten. De heren stapten in de bus et voilà, daar ging deze mini-stoet, in een redelijk tempo naar… begraafplaats of crematorium.

Dat zal ik nooit weten. 

Delen: